T&E: ‘Laadinfrastructuur zal gelijke tred houden met uitrol elektrische auto’

T&E: ‘Laadinfrastructuur zal gelijke tred houden met uitrol elektrische auto’

Transport & Environment stelt in een nieuw analyserapport dat de laadinfrastructuur in Europa gelijke tred zal houden met de uitrol van elektrische voertuigen (EV) tegen 2035, wanneer de verbrandingsmotor zou worden verboden.

T&E voorspelt 10,4 miljoen openbare laders voor 131 miljoen EV’s in Europa tegen 2035. Het gaat daarmee in tegen de aanhoudende waarschuwingen van de autofabrikanten dat er niet voldoende publieke laadcapaciteit zal zijn om de verwachte vloot EV’s te ‘voeden’. Het waarschuwt zelfs dat te veel opladers het bedrijfsmodel van de aanbieders van laadstations in gevaar zouden brengen, omdat het grootste deel van het opladen thuis of op het werk zal gebeuren.

5,1 miljoen laders in 2030

Uit de T&E-analyse blijkt dat er tussen de 3,6 en 5,1 miljoen laders in heel Europa moeten worden ingezet tegen 2030. Dat is het jaar waarin verschillende EU-landen wilen dat de verkoop van nieuwe auto’s met een klassieke verbrandingsmotor (ICE) verboden wordt, waaronder plugin-hybrides (PHEV). Anderen stellen liever uit naar 2040 of willen een achterpoortje in de wet laten na 2035 voor plug-in hybrides.

Tot nu toe heeft de Europese Commissie 2035 als optionele einddatum naar voren geschoven. Het wetsontwerp, zegt T & E, “verplicht de lidstaten om ervoor te zorgen dat er altijd een openbaar laadnetwerk is dat voldoende is om aan de laadbehoeften van hun respectieve EV-vloten te voldoen.”

Op vloot gebaseerde doelstelling

Om te berekenen hoeveel laders dat betekent, gebruikt de EU een “op de vloot gebaseerde doelstelling” waarvoor ten minste 1 kW openbaar laadvermogen per batterij-elektrische auto (BEV) beschikbaar moet zijn. Die totale capaciteit neemt toe in verhouding tot het aantal EV’s die in een land geregistreerd zijn.

Verder wordt er rekening gehouden met het aandeel van openbare laders versus privéladen thuis of op het werk, de gemiddelde tijd die een EV-rijder aan een lader doorbrengt en het stroomverbruik van toekomstige EV’s.

Slechts 30% van de openbare heffing

T&E zegt dat openbaar opladen slechts ongeveer 30% zal zijn, omdat opladen thuis of op het werk het handigst en het goedkoopst is. De ‘bezettingsgraad’ van het publieke laadnet moet dagelijks tussen de 8,6 en 12,5% liggen om een leefbare business case te hebben voor de leveranciers van de laders. Te veel laders zouden minder gebruik per lader betekenen en dat businessmodel ondermijnen.

En dan is er nog het gemiddelde verbruik van de elektrische auto, dat vandaag met krachtige premiumauto’s nog steeds rond de 20 kWh/100 km ligt, maar met technische verbetering naar beneden zou moeten gaan. T&E wijst op Mercedes-Benz’ Vision EQXX concept car met een verbruik van ongeveer 10 kWh/100 km.

Voor zijn analyse gaat T&E uit van “een gematigd conservatief rendement van 14,8 kWh/100 km”. Het zegt dat dat matig is, want vandaag beweert VW dat de ID.3, representatief voor een gemiddelde elektrische auto, samen met de Tesla Model 3 slechts 13,7 kWh/100 km verbruikt onder ideale testrijomstandigheden (WLTP).

De autofabrikanten zelf hanteren een veel strenger scenario om de geschatte laadnetwerkinfrastructuur te berekenen die nodig is. Dat zou tussen de 9,8 en 14,4 miljoen laders tegen 2030 betekenen, oplopend naar 24,6 tot 31 miljoen laders in 2035.

Te veel laders betekent subsidiëren

Volgens T&E gaat de federatie van autoconstructeurs ACEA ervan uit dat er tot 2030, drie kW per BEV nodig is, drie keer meer dan wat de EU als basis gebruikt. Dat zou dalen tot 1 kW per BEV zodra het aandeel EV’s in het Europese wagenpark 7,5% bereikt. En ACEA neemt tot 2030 een verbruik van 20 kWh/100 km als basis in haar berekeningen, “wat vrij ongeloofwaardig en twijfelachtig lijkt”, voegt T&E toe.

“Hoewel meer openbare opladers op het eerste gezicht aantrekkelijk kunnen zijn, zijn de zorgen over deze hoge aantallen talrijk. Het zou resulteren in een lage bezettingsgraad, minder dan 5%, wat betekent dat de openbare laadinfrastructuur voortdurend gesubsidieerd moet worden”, concludeert T&E.

Top